|
|
april 2002
Momenteel
zijn er op Europees niveau een aantal richtlijnen
voor het lozen van stoffen op oppervlaktewater. Verreweg de belangrijkste
richtlijnen zijn richtlijn 76/464/EEG “betreffende verontreiniging
veroorzaakt door bepaalde gevaarlijke stoffen die in het aquatische milieu
van de Gemeenschap worden geloosd” en richtlijn 2000/60/EG “tot
vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het
waterbeleid”. De laatste, ook wel Kaderrichtlijn Water (KRW) genoemd,
geeft in artikel 16 en annex X aanwijzingen m.b.t. lozingen van stoffen. De
richtlijn 76/464/EG (Europese richtlijn) is nog steeds van kracht, maar er
is nu ook de Kaderrichtlijn Water (KRW). Door de komst van de KRW zal in
2013 76/464/EG worden ingetrokken. Richtlijn 76/464/EEG is reeds geïmplementeerd
in de Nederlandse regelgeving. Voor de KRW is een implementatietraject
gestart. Eind 2003 zal de richtlijn zijn verankerd in de Nederlandse
wetgeving, de uitvoering ervan neemt nog enkele jaren in beslag. In de richtlijn 76/464/EEG wordt gebruik
gemaakt van 2 lijsten: lijst I en lijst II. In deze lijsten zijn er in
totaal 132 stoffen opgenomen. Hierbij zijn er voor de stoffen in lijst I
emissiegrenswaarden of waterkwaliteitsdoelstellingen opgesteld. Hiervan
wordt verwacht dat de lozingen van deze stoffen op oppervlaktewater
binnen een aantal jaren wordt beëindigd. Voor de stoffen van lijst II geldt
vermindering van verontreiniging en moeten er programma’s worden gemaakt
waarin o.a. de waterkwaliteitsdoelstellingen voor deze stoffen opgenomen
zijn. In de loop der jaren zijn er voor 18
stoffen dochterrichtlijnen opgesteld met daarin de emissiegrenswaarden
en waterkwaliteitsdoelstellingen. Er blijven dus nog 114 stoffen over van de
132. Nederland interpreteert richtlijn 76/464/EEG
niet precies op dezelfde manier als de EU. In Nederland worden alle 132
stoffen als zgn. ‘zwarte lijststoffen’
beschouwd voor deze stoffen heeft Nederland als doel gesteld
reductieprogramma’s op te stellen beredeneerd vanuit emissiegrenswaarden
(voorwaarde voor lijst I stoffen). Wat de EU betreft vallen de stoffen onder
de doelstelling van lijst II waarbij reductieprogramma’s opgesteld dienen
te worden beredeneerd vanuit oppervlaktewaterkwaliteitsdoelstellingen. Voor
het merendeel van deze stoffen zijn MTR’s (Maximale Toelaatbare
Risicowaarden) en streefwaarden vastgesteld. Het zuiveren van afvalwater van
een bedrijf gebeurt door de best uitvoerbare technieken (BUT)
en de best bestaande technieken (BBT). Bij de BUT wordt er rekening
gehouden met de financiën van het bedrijf en de daarbijhorende techniek.
Bij BBT wordt er alleen rekening gehouden met de beste zuiveringstechnieken
van het afvalwater zonder rekening te houden met de kosten, deze kunnen dus
hoger zijn dan bij BUT. In
het Kaderrichtlijn Water (KRW) is er een lijst
van prioritaire stoffen. Deze lijst wordt ingedeeld in 3 categorieën:
Per
4 jaar wordt deze lijst nagekeken en getoetst om te zien of er nog nieuwe
stoffen kunnen worden toegevoegd. Per
2013 wordt richtlijn 76/464/EEG ingetrokken, momenteel is daar al een
gedeelte van ingetrokken namelijk dat er geen nieuwe stoffen meer op lijst I
verschijnen omdat de nieuwe gevaarlijke stoffen door de KWR zullen worden
aangewezen als prioritaire of prioritaire gevaarlijke stof. De doelstelling
en verplichtingen van richtlijn 76/464/EEG
blijven van kracht tot 2013. Doordat er nu 2 richtlijnen naast elkaar
bestaan kan dit dubbele rapportageverplichtingen opleveren. Verder zullen de
114 stoffen (van de 132 zwarte lijst stoffen) komen te vervallen, hierbij
blijven de 18 dochterrichtlijnen, 10 van deze stoffen zijn op de KRW-lijst
als prioritaire stoffen opgenomen en zullen zo behandeld worden, voor de
overige 8 stoffen zal niets veranderen worden, mits de EC hier verandering
in brengt. Deze 18 dochterrichtlijnen zullen blijven bestaan totdat de EC
zegt dat ze worden ingetrokken, met goedkeuring van de Raad en het Europees
Parlement. De lijst van die 132 stoffen wordt dus vervangen en komt te
vervallen, maar in Nederland worden ze nog steeds aangepakt door het beleid
dat is opgesteld door het Wet verontreiniging oppervlaktewateren (Wvo) en
waaraan uitvoering wordt gegeven in de 4e Nota Waterhuishouding. Voor de
overgebleven 114 stoffen moet er volgens de EC nog steeds gehandeld worden
als de afgelopen jaren, er zullen dus nog steeds programma’s en
waterkwaliteitsdoelstellingen worden opgesteld en in Nederland eventueel ook
emissiegrenswaarden (omdat wij ze als zwarte lijst stoffen beschouwen). Op
deze milieuraad is men accoord gegaan met annex X van de KRW, welke
vervolgens in een of andere raadsvergadering aangenomen is en op 20 november
2001 gepubliceerd is.Voor meer informatie www.wateremissies.nl Samenva Het
zal erop neerkomen dat Nederland in de nabije toekomst zich geheel aan de
Europese wetgeving en wethandhaving zal moeten aanpassen en mogelijk haar
huidige beleid moet herzien.
|
|
[ Home ] [ Back ] [ More Info ]
Copyright © 1998-2008
Lenntech Watertreatment - en Luchtbehandeling
Rotterdamseweg 402 M
2629 HH Delft
Nederland
Tel. 015-26.10.900
Fax. 015-26.16.289
info@lenntech
.com