|
Desinfectiebijproducten
| Desinfectie van (drink)water met behulp van chemische middelen als chloor wordt al ruim een eeuw toegepast. In de jaren zeventig van de vorige eeuw ontdekte men door de ontwikkeling van meer geavanceerde gaschromatografietesten, dat er bij de desinfectie van water ook andere stoffen, zogenaamde desinfectiebijproducten, worden gevormd. Deze stoffen kunnen schadelijk zijn voor de volksgezondheid. Sindsdien is er uitgebreid onderzoek gedaan naar het ontstaan van deze stoffen, hun gezondheidseffecten en methodes om te voorkomen dat deze stoffen bij desinfectie worden gevormd. Wat zijn desinfectiebijproducten? Hoe worden desinfectiebijproducten gevormd? Welke factoren zijn van invloed op de vorming van desinfectiebijproducten? - Het type desinfectiemiddel, de dosis en het residu van het desinfectiemiddel. Bij een hogere dosering en bij een hoger residuaal gehalte worden in het algemeen meer desinfectiebijproducten gevormd. Om te voorkomen dat er gehalogeneerde desinfectiebijproducten ontstaan, worden tegenwoordig vaak alternatieve desinfectiemiddelen gebruikt. Maar ook hierbij kunnen desinfectiebijproducten ontstaan. -De desinfectie-omstandigheden: De reactietijd, de temperatuur en de pH. Bij een langere reactietijd worden hogere concentraties trihalomethanen (THM) en gehalogeneerde azijnzuren (HAA) gevormd. Bij een langere reactietijd vervallen sommige tussenvormen van desinfectiebijproducten tot einddesinfectiebijproducten, zoals tribroomazijnzuur tot bromoform. Haloacetonnitrielen (HAN) en haloketonen (HK) worden afgebroken. Bij een hogere temperatuur verlopen reacties sneller, waardoor een hogere dosis chloor is vereist als desinfectiemiddel. Hierdoor worden meer gehalogeneerde desinfectiebijproducten gevormd. Een verhoogde temperatuur zorgt ook voor een snellere afbraak van tribroomazijnzuren, HAN en HK. Bij hoge pHwaardes worden meer hypochlorietionen gevormd en neemt de desinfectie-effectiviteit van chloor af. Bij een hogere pH worden meer THM gevormd. Bij een lage pH worden juist meer HAA gevormd. Bij een hoge pH worden HAN en HK als gevolg van hydrolise afgebroken, omdat er bij een hogere pH meer hydrolise reacties plaatsvinden. Het gehalte trihalomethanen in het drinkwater is in het distributienet vaak hoger dan bij het drinkwaterbedrijf. Als gevolg van hydrolise vervallen veel desinfectiebijproducten tot trihalomethanen.
De vorming van de trihalomethanen (trichloormethaan, broomdichloormethaanm dibroommethaan en tribroommethaan) als gevolg van de contacttijd.
- De bestanddelen van het water: De concentratie en eigenschappen van het natuurlijk organisch materiaal (NOM) in het water. NOM vormt de voorloper van desinfectiebijproducten. Het gehalte organisch materiaal wordt doorgaans gemeten als totaal organisch koolstofgehalte of als opgelost organisch koolstofgehalte. De samenstelling en concentratie van het natuurlijk organisch materiaal is van invloed op wat voor desinfectiebijproducten er uiteindelijk gevormd worden en op de concentratie desinfectiebijproducten. Tot het natuurlijk organisch materiaal behoren humuszuren, fulvine zuren, hydrofobe zuren, hydrofobe neutrale stoffen, transfilische zuren, transfilische neutrale stoffen, hydrofiele zuren en hydrofiele neutrale stoffen.
De invloed van het organisch koolstofgehalte op de vorming van trihalomethanen bij verschillende bromideconcentraties. De concentratie natuurlijk organisch materiaal in het oppervlaktewater verschilt per seizoen, waardoor de concentratie desinfectiebijproducten ook verschilt. Tabel 1. De desinfectiebijproducten van verschillende desinfectiemiddelen.
|
[ Home ] [ Terug ] [ Meer Info ]
Copyright © 1998-2008 Lenntech Water- en Luchtbehandeling
Rotterdamseweg 402 M
2629 HH Delft
Nederland
Tel. 015-26.10.900
Fax. 015-26.16.289
info@lenntech .com