Wat is koolstofdioxide
en hoe is het ontdekt?
Joseph Black, een Schotse schei- en natuurkundige,
ontdekte in de jaren 1750 voor het eerst koolstofdioxide (CO2). Bij kamertemperatuur
is (20-25 oC), is koolstofdioxide een geur-
en kleurloos gas, dat zwak zuur
is en niet-ontvlambaar.
Koolstofdioxide is een molecuul en heeft de molecuulformule CO2.
Het rechtlijnige molecuul bestaat uit een koolstof
atoom dat dubbel gebonden is aan twee zuurstofatomen;
O=C=O.
Hoewel koolstofdioxide vooral gasvormig voorkomt, heeft het ook
een vloeibare en een vaste vorm. Het kan alleen vloeibaar zijn als
de temperatuur onder de -78 oC ligt. Vloeibare koolstofdioxide
komt vooral voor wanneer koolstofdioxide is opgelost in
water.
Koolstofdioxide is alleen oplosbaar in water, wanneer de druk behouden
blijft. Als de druk daalt zal koolsofdioxide naar
de lucht ontsnappen, waarbij een
grote hoeveelheid luchtbellen in het water achterblijft. |
CO2-molecuul |
Eigenschappen van koolstofdioxide
Koolstofdioxide heeft verschillende fysische en chemiche
eigenschappen. Deze staan hieronder in de tabel vermeld.
| Eigenschap
|
Waarde
|
| Moleculair gewicht
|
44.01
|
| Specifieke zwaartekracht
|
1,53
at 21 oC |
| Kritieke dichtheid
|
468
kg/m3 |
| Concentratie
in de lucht |
370,3
* 107 ppm |
| Stabiliteit
|
High
|
| Vloeistof
|
Pressure
< 415,8 kPa |
| Vaste
stof |
Temperature
< -78 oC |
| Henry
constante voor oplosbaarheid |
298,15
mol/ kg * bar |
| Water
oplosbaarheid |
0,9
vol/vol at 20 oC |
Voorkomen van koolstofdioxide
Koolstofdioxide komt vooral voor in de
lucht,
maar maakt ook deel uit van de koolstofcyclus. Hierna
worden verschillende aspecten van de koolstofcyclus belicht.
Processen
Koolstofdioxide is een van de meest overvloedige gassen
in de atmosfeer. Koolstofdioxide speelt een
belangrijke rol bij vitale processen bij planten en dieren, zoals fotosynthese
en ademhaling. Deze processen worden hier kort beschreven.
Groene planten zetten koolstofdioxide en water om in voedselbestanddelen
zoals glucose en zuurstof. Dit proces wordt fotosynthese genoemd.
De fotosynthesereactie:
6 CO2 + 6 H2O --> C6H12O6
+ 6 O2
Planten en dieren zetten op hun beurt voedselstoffen om door ze te combineren
met zuurstof, om energie voor groei en andere levensactiviteiten vrij
te maken. Dit is het ademhalingsproces, het omgekeerde van de fotosynthese.
De ademhalingsreactie:
C6H12O6 + 6 O2 --> 6 CO2
+ 6 H2O
Fotosynthese en ademhaling spelen een belangrijke rol in de koolstofcyclus
en zijn met elkaar in evenwicht.
De fotosynthese activiteit is groter wanneer het warmer is en de ademhaling wanneer
het kouder is. Beide processen komen het hele jaar door voor. Dus in het
algemeen neemt koolstofdioxide in de atmosfeer af tijdens het groeiseizoen
en gedurende de rest van het jaar toe.
Omdat de seizoenen in het noordelijk en het zuidelijk halfrond tegengesteld
zijn, neemt de hoeveelheid koolstofdioxide in het noorden toe terwijl
deze in het zuiden afneemt en omgekeerd gebeurt hetzelfde. In het noorden
is de cyclus duidelijker waar te nemen, omdat daar meer landmassa en meer
terrestrische vegetatie is. Op het zuidelijk halfrond zijn vooral veel
oceanen.
Invloed van koolstofdioxide op de alkaliniteit
Koolstofdioxide kan de pH
van water veranderen. Dat werkt als volgt: koolstofdioxide lost op in het water om een zwak zuur te vormen dat carbonzuur
wordt genoemd.
Dat gebeurt via deze reactie:
CO2 + H2O --> H2CO3
Daarna reageert carbonzuur omkeerbaar met water om een
hydronium kationen en bicarbonaat ion te vormen.
Dat gebeurt
volgens de volgende reactie:
H2CO3 + H2O --> HCO3-
+ H3O+
Dit chemische gedrag verklaart waarom water dat normaal een neutrale pH
van 7 heeft, een zure pH van 5,5 krijgt wanneer het wordt blootgesteld aan
lucht.
Toepassingen van koolstofdioxide
Mensen gebruiken koolstofdioxide op verschillende manieren.
Het meest bekende voorbeeld is het gebruik in frisdranken en bier, om
deze te laten bruisen. Koolstofdioxide dat uit bakpoeder
of gist vrijkomt zorgt er voor dat taarten en cakes beter rijzen.
Sommige brandblusapparaten bevatten koolstofdioxide, omdat het dikker
is dan lucht. Koolstofdioxide kan een vuur
doven door een soort deken te vormen, omdat het zo zwaar is. Het zorgt ervoor dat er geen
zuurstof bij het vuur
kan komen. Om een vuur te laten branden is altijd
zuurstof, een brandbare stof en een juiste temperatuur nodig.
Koolstofdioxide wordt ook gebruikt bij een techniek die
'superkritieke
vloeistofextractie' wordt genoemd. Hiermee haalt men cafeine uit koffie. De vloeibare vorm van koolstofdioxide, ook wel bekend onder
de naam 'droog ijs', wordt in theaters gebruikt om op het podium
mist te creëren en 'magische drankjes' te doen bubbelen.
Koolstofdioxide uitstoot door mensen
|
Als gevolg van menselijke activiteit
is de hoeveelheid CO2 uitstootin de afgelopen 150 jaar
enorm gestegen. De uitstoot is nu groter dan de hoeveelheid die kan
worden opgeslagen in biomassa en in de oceanen.
Tussen 1850 en 1998 is de koolstofdioxide concentratie in de atmosfeer
gestegen van 280 tot 365 ppm, en dit is vooral te danken aan menselijke
activiteiten tijdens en na de industriële revolutie, die in 1850 begon.
Mensen hebben de hoeveelheid koolstofdioxide in de lucht verhoogd
door verbranding van fossiele brandstoffen, productie van cement,
ontginning van land verbranding van bos. Ongeveer 22%
van de huidige atmosferische CO2 concentraties zijn een gevolg van menselijke activiteit.
Men gaat er bij deze aanname vanuit dat er geen
verandering is opgetreden in de natuurlijke hoeveelheid koolstofdioxide. |
Milieu problemen: het broeikaseffect
Wanneer zonlicht de aarde bereikt, wordt
een deel daarvan omgezet in warmte. In de troposfeer bevinden zich gassen
die broeikasgassen worden genoemd. Deze gassen absorberen een
deel van de warmte en houden het vast vlakbij het aardopppervlak, waardoor
de aarde opwarmt. Dit proces, dat algemeen bekend staat als het
broeikaseffect,
is jaren geleden ontdekt en later door middel van laboratorium proeven
en atmosferische metingen bevestigd.
Het leven zoals wij het kennen bestaat alleen vanwege dit natuurlijke
broeikaseffect, omdat dit proces de temperatuur van de aarde reguleert.
Wanneer het broeikaseffect niet zou bestaan, zou de hele aarde bedekt
zijn met ijs.
De temperatuur van de aarde wordt bepaald door de hoeveeheid warmte in de troposfeer. De hoeveelheid warmte in de troposfeer is afhankelijk van
de concentratie atmosferische broeikasgassen en de periode dat deze gassen
in de atmosfeer verblijven. De belangrijkste broeikasgasen zijn naast koolstofdioxide
ook waterdamp (H2O),
CFK's (Chloor Fluor
Koolwaterstoffen), stikstofdioxide (N2O)
en methaan (CH4).
Sinds het begin van de industriële revolutie in 1850, hebben menselijke
processen broeikasgassen zoals CFK's en koolstofdioxide uitgestoten. Dit heeft
een milieuprobleem veroorzaakt; de hoeveelheid
broeikasgassen is zo gigantisch gegroeid dat het klimaat van de aarde
verandert, omdat de temperatuur te snel stijgt. Deze onnatuurlijke
versterking aan
het broeikaseffect staat bekend als 'global warming' ofwel
klimaatverandering. Men verwacht dat
de mondiale opwarming er voor zorgt dat de stormactiviteit toeneemt en de ijskappen
bij de polen zullen smelten, waardoor bewoonde gebieden onder
water komen te staan. Dit zijn slechts enkele
van de verwachte gevolgen.
Koolstofdioxide en waterdamp
zijn de belangrijkste broeikasgassen. Waterdamp wordt echter niet uitgestoten
tijdens industriële processen. Mensen dragen niet bij aan de hoeveelheid
waterdamp in de lucht, deze verandert alleen
op natuurlijke wijze in de hydrologische
kringloop en is daarom geen oorzaak van de klimaatvernadering. De toenemende koolstofdioxide uitstoot draagt voor 50 tot 60% bij aan de
klimaatverandering.
In de vorige paragraaf zijn verschillende menselijke activiteiten genoemd
die bijdragen aan de uitstoot van koolstofdioxide. De verbranding van fossiele brandstoffen
is verantwoordelijk voor 70 tot
75% van van alle koolstofdioxide uitstoot. Dit is dus de belangrijkste
oorzaak van de uitstoot van koolstofdioxide. De resterende 20 tot 25% van
de emissies worden veroorzaakt door land ontginning, branden en uitlaten
van motorvoertuigen.
De meeste koolstofdioxide emissies zijn afkomstig van industriële
processen in ontwikkelde landen, zoals de Verenigde Staten en Europa. De
uitstoot van koolstofdioxide door ontwikkelingslanden neemt echter toe.
Men verwacht dat de uitstoot van koolstofdioxide zal verdubbelen en
daarna voor grote problemen zal zorgen.
Koolstofdioxide blijft 50 tot 200 jaar in de atmosfeer.
De eerste persoon die voorspelde dat de emissie van koolstofdioxide van
de verbranding van fossiele brandstoffen en andere verbrandingsprocessen
mondiale opwarming zou veroorzaken, was Svante Arrhenius. In 1896 heeft
hij daarover een artikel geschreven, 'Over de invloed van
koolstofdioxide in de lucht op de temperatuur op aarde'.
In het begin van de jaren 1930 werd bewezen dat de hoeveelheid atmosferisch
koolstofdioxide aan het toenemen was. Laat in de jaren 1950 toen meer precieze meettechnieken
waren ontwikkeld, vond men meer bewijs.
In de jaren 1990 was de theorie van klimaatvernadering geaccepteerd
door de meeste mensen. Er wordt echter nog steeds over gediscussieerd of
klimaatverandering werkelijk wordt veroorzaakt door een toeneemende
hoeveelheid koolstofdioxide in de atmosfeer.

Stijgende koolstofdioxide concentraties
in de lucht in de afgelopen decennia
Het Kyoto verdrag
In december 1997 kwamen de wereldleiders bij elkaar in
Kyoto, Japan, om een wereldwijd verdrag over de beperking van de uitstoot
van broeikasgassen te bedenken. Helaas hebben de Verenigde Staten in 2001
besloten het verdrag niet te tekenen. Inmiddels zijn ze met een
alternatief verdag gekomen.
Koolstofdioxide en de gezondheid
Koolstofdioxide is essentieel voor de
inwendige ademhaling in het menselijk lichaam. De inwendige ademhaling
is een proces waarbij zuurstof naar en koolstofdioxide door
lichaamsweefsels wordt getransporteerd.
Koolstofdioxide regelt de pH
van het bloed, welke essentieel is om te overleven. Het buffersysteem waarin koolstofdioxide een rol speelt wordt de carbonaatbuffer
genoemd. Het bestaat uit bicarbonaationen en opgelost koolstofdioxide
en carbonzuur. Carbonzuur kan hydroxide-ionen neutraliseren, die de
pH van het bloed doen toenemen. Het carbonaat ion
kan waterstof ionen
neutraliseren,
die juist een afname van de pH veroorzaken wanneer ze aan het bloed worden
toegevoegd. Zowel een afnemende als een oplopende pH is levensbedreigend.
Afgezien van het feit dat koolstofdioxide een essentiële
buffer vormt in het menselijk lichaam, heeft het ook effecten op de gezondheid
als de concentratie boven een bepaalde grens komt.
De primaire gezondheidseffecten van koolstofdioxide zijn:
- Verstikking. Wordt veroorzaakt door de uitstoot van koolstofdioxide
in een afgesloten of ongeventileerde ruimte. Dit kan de zuurstofconcentratie
verlagen tot een niveau dat direct gevaarlijk is voor de menselijke gezondheid.
- Bevriezingsverschijnselen. Vaste koolstofdioxide heeft bij normale
atmosferische druk altijd een bepaalde temperatuur, ongeacht de luchttemperatuur.
Als men dit materiaal meer dan 2 seconden vasthoudt zonder goede bescherming,
kunnen ernstige blaren en andere ongewenste effecten optreden. Koolstofdioxide dat wordt uitgestoten uit een stalen cilinder, zoals een brandblusser,
veroorzaakt vergelijkbare effecten.
- Nierbeschadiging of coma. Dit wordt veroorzaakt door de verstoring
van het chemisch evenwicht van de carbonaatbuffer. Wanneer koolstofdioxide
concentraties toe- of afnemen kan
een levensbedreigende situatie kan ontstaan.
|
Halve waarheden
Het CBS heeft de kooldioxide
uitstoot van een aantal transportmiddelen onderzocht. De trein kwam
als schoonste vervoermiddel uit het onderzoek. De bus bleek
opmerkelijk genoeg vuiler dan het vliegtuig. De auto bleek de
grootste vervuiler te zijn. In die berekeningen is gekeken naar de
uitstoot per reizigerskilometer. CE, een onderzoeksbureau, beweert
dat vliegtuigen misschien per reizigerskilometer minder uitstoten,
maar dat de totale bijdrage aan het broeikaseffect veel hoger is dan
die van de auto. Oorzaak is de uitstoot van veel andere stoffen,
zoals condensstrepen. Een erg vervuilende post, namelijk de schepen,
wordt veel lager ingeschat dan in werkelijkheid het geval is. In de
olie die wordt gebruikt zit zwavel, en dat is in de overwegingen
niet meegenomen. Geluidsoverlast en de eventuele doorsnijding van
natuurgebieden zijn ook niet bekeken. De trein zal waarschijnlijk
bij een uitgebreidere overweging nog steeds het schoonst blijken,
maar de verschillen tussen vervoermiddelen zullen minder groot zijn.
Bron: Intermediair 6 oktober
2005 |
|